Amélie

Specialist grondstoffen diervoeding @ Purina

INGREDIËNTEN

Naar het onderdeel >

Suikers, zoals glucose, fructose, lactose, maltose en andere, zijn groepen koolhydraten die een essentieel macronutriënt vormen, naast eiwitten en vetten. Ondanks de negatieve aandacht door trends in de humane voeding, kan matig gebruik van suikers belangrijke functies vervullen in diervoeding.

Suikers zijn van nature te vinden in veel vruchten, groenten en zuivelproducten. Een kleine hoeveelheid suikers in diervoeding kan fungeren als energiebron, de smaak verbeteren en ervoor zorgen dat het product zijn textuur en malsheid behoudt tijdens de houdbaarheidsperiode. Het is de bovenmatige calorie-inname via alle voedselgroepen, niet specifiek suikers of koolhydraten, die de voornaamste risicofactor vormt voor obesitas bij honden en katten. 

Veel vruchten en groenten die in diervoeding worden gebruikt, zoals appels, pompoen, wortels, zoete aardappels, tomaten, erwten of spinazie, bevatten van nature suikers.

Het grootste deel van de koolhydraten in complete en uitgebalanceerde diervoeding komt van 'complexe koolhydraten', bijvoorbeeld granen, aardappels en bepaalde peulgewassen. Indien aanwezig in diervoeding zijn eenvoudige suikers (zoals sucrose, dextrose, fructose, enzovoorts) slechts een bijzonder klein percentage van de totale metaboliseerbare energie van de voeding.

Sommige daarvan spelen een belangrijke rol in de voeding van huisdieren. Zo is glucose de belangrijkste energiebron voor de lichaamscellen, terwijl lactose van cruciaal belang is voor de vroege ontwikkeling. Zowel honden als katten kunnen de suikers in diervoeding metaboliseren en nuttig gebruiken. Een kleine hoeveelheid suikers kan de smaak van de voeding verbeteren. Ze worden bijvoorbeeld tijdens het bereidingsproces gebruikt om in combinatie met andere ingrediënten natuurlijke aroma's te creëren, zoals 'geroosterd' of gegrild'. Andere functies van suikers in diervoeding zijn een langere houdbaarheid, een visueel aantrekkelijke kleur of een verbeterde textuur en malsheid van de producten.

De term suiker die je ziet op het etiket van diervoeding is een categoriebeschrijving die kan verwijzen naar verschillende suikers (zoals onder andere sucrose, fructose en glucose). De term moet altijd in het meervoud worden gebruikt ('suikers'), zelfs als het recept maar één soort suiker bevat.

Veel mensen denken bij suiker in diervoeding dat het de oorzaak van obesitas is. Maar een van de voornaamste risicofactoren voor obesitas bij honden en katten is bovenmatige calorie-inname. In grammen gemeten hebben suikers minder calorieën dan vet of eiwit. Obesitas, niet de suikers aanwezig in voeding, is de belangrijkste risicofactor voor diabetes mellitus bij honden en katten. Het gaat erom de ideale lichaamsconditie te behouden en voedingsmiddelen die niet compleet en uitgebalanceerd zijn, te beperken tot minder dan 10% van de totale calorie-inname van je huisdier.